De Avond van de Onderzoeksjournalistiek

Wie maakten in 2018 de beste onderzoeksjournalistiek in Nederland en Vlaanderen? Op 22 maart reikt de Vereniging van Onderzoeksjournalisten De Loep 2018 en de VVOJ Aanmoedigingsprijs uit aan journalisten die zich vorig jaar hebben onderscheiden met opmerkelijke publicaties, uitzendingen en digitale dossiers. Wie gaan naar huis met de beeldjes, de geldbedragen en de eer? Kom op 22 maart naar De Avond van de Onderzoeksjournalistiek en maak het live mee!

Eelco Bosch van Rosenthal (NOS) en Huib Modderkolk (de Volkskrant)

door: Coco Gubbels

Na het gezamenlijke interview van Eelco Bosch van Rosenthal en Huib Modderkolk met Edward Snowden[i], was het voor hen logisch om vaker samen te werken. Uiteindelijk leverde een lang onderzoek naar de Russische bemoeienis met de Amerikaanse presidentsverkiezingen een primeur op die nu genomineerd is voor De Loep 2019, Opsporende onderzoeksjournalistiek.

Met Eelco en Huib kijken we terug op een onderzoek dat zeven maanden duurde en een internationale golf aan publicaties, interviews en andere aandacht kreeg: Nederlandse geheime diensten hadden maandenlang zicht gehad op Russische hackers die zich op een agressieve manier mengden in de Amerikaanse verkiezingen.

[i] Nieuwsuur en Volkskrant werkten eerder samen voor een interview met Edward Snowden, 2014-2015

Spin-off

Het onderzoek begon met een ander verhaal. Eelco en Huib zaten maandenlang achter een verhaal aan over fysieke ontmoetingen van Russische spionnen met anderen. Er lag zelfs al een conceptversie van dit verhaal klaar omdat Huib op vakantie ging. Tegelijk zocht Eelco op zijn vakantieadres in Zwitserland naar locaties om in de uitzending van Nieuwsuur te kunnen komen als dat nodig mocht zijn. Ze kregen dit verhaal uiteindelijk niet rond en dus kwam er geen uitzending en geen artikel. Maar in een van de interviews met bronnen die daarop volgde, liet iemand iets ontvallen dat hen naar een volgend onderzoek leidde. Dat kregen ze wél rond: het onderzoek naar de Nederlandse spionage in Moskou.

Het is fijn om zo lang en intensief samen te werken, zegt Eelco: “Je geeft minder snel op. Dit soort onderzoeken duren soms lang en dat is soms frustrerend, je hebt ook nog ander werk liggen en soms denk je wel eens: nu kap ik er mee.” Huib voegt daar aan toe: “Er is ook een beperking aan je eigen netwerk. Op een gegeven moment kun je niet verder. Dan heb je bronnen één, twee keer gesproken en verwacht je niet dat een derde keer nog iets nuttigs oplevert.” Als derde voegt Huib toe dat de kans op tunnelvisie vermeden wordt als je samen aan een onderzoek werkt: “Er zit een gevaar in beperkte informatie: je gaat dan die gegevens op een logische manier aan elkaar plakken en dat is risicovol. Je daagt elkaar uit om verder te denken, anders te denken waardoor je theoretische mogelijkheden vergroot.”

Bij sommige onderwerpen is het al vrij snel evident dat samenwerking nodig is, zegt Huib: “Zoiets groeit ook. Wat er met de Amerikaanse verkiezingen gebeurde, was natuurlijk gigantisch. Wat betreft de Russische impact, de nasleep daarvan en sowieso de toenemende activiteiten van Rusland. Wij hebben elkaar tijdens die ontwikkelingen op de hoogte gehouden: je zoekt elkaar op met vragen als: weet jij hoe dit zit of zouden hier Nederlandse linken bij kunnen zitten, ken jij deze persoon?” Door dagelijks informatie te delen, konden ze vooruit komen, vult Eelco aan.

Lees verder onder de afbeelding
Beeld: Myrthe van Gurp

Bronnen

Huib is gespecialiseerd in geheime diensten en weet hoe je onderzoek moet doen en bronnen rond deze diensten het beste kunt benaderen. “Je moet echt leren om te kijken en te luisteren naar je gesprekspartner.” legt Huib uit: “Vertelt hij je iets niet omdat hij het niet weet of omdat hij het niet wil delen?” Eelco voegt daaraan toe dat bronnen soms ook geen belang hebben om iets met jou te delen, maar wel meer weten. De kunst is om dat goed in te schatten.

Een aantal gesprekken hebben ze samen gevoerd, maar soms is interviewen met twee mensen van verschillende media te intimiderend om de juiste informatie los te krijgen. Als er bijvoorbeeld een nieuwe bron is die na lang twijfelen bereid is om te praten. Dan is het verstandiger om eerst alleen te gaan. “En dan moet je iemand met wie je samenwerkt blind kunnen vertrouwen dat zijn samenvatting van dat gesprek correct is.”, benadrukt Huib. De enige manier om de verkregen informatie te controleren is heel veel mensen spreken die de informatie kunnen bevestigen. “En heel soms moet je dan toch terug met z’n tweeën. En dan hopen dat deze bron hetzelfde zegt als de eerste keer.”

“Soms is het wel fijn om samen te interviewen en dan bij elkaar te verifiëren of je hetzelfde hebt gehoord in dat gesprek.” reageert Eelco: “Vaak hebben mensen niet eens door wat ze allemaal vertellen. Je begint bij A en dan komt vanzelf iets anders ter sprake. Maar als je twee mensen tegenover je hebt zitten, dan worden bronnen al gauw voorzichtiger en denken: die willen iets van mij weten. Een goed gesprek dat met koetjes en kalfjes begint kan vele kanten op gaan. Aan het einde van het gesprek weet iemand niet dat hij of zij iets gezegd heeft wat voor ons onderzoek heel nuttig is.”
Dat geheime diensten als de AIVD en MIVD niet zitten te wachten op journalisten die op huisbezoek gaan bij leden van die organisaties, is de twee verslaggevers inmiddels wel duidelijk. Dat is inherent aan het netwerken met dit soort bronnen en de onderwerpen die je niet via mail of telefoon wil bespreken. Vaak loop je al bij de afdeling woordvoering op een dood spoor als je de dienst zelf benadert, dus ga je op een andere manier zoeken naar contact met de juiste kennis.

Na de publicatie in de krant en op televisie hebben een aantal bronnen aangegeven niet meer te willen of kunnen praten. “Dat heeft bij sommigen wel een paar maanden geduurd. Dat zit je dan uit. Je kunt ze nou eenmaal niet dwingen”, reageert Huib: “Dat is soms best een zorg: wat gaat er met de bronnen gebeuren? Heeft ons verhaal consequenties? Hoe agressief gaat een dienst daar achteraan? Daar hebben wij niet permanent zicht op.”

 

Lees verder onder de animatie

Details

Kajsa Ollongren, Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, had al weleens uitspraken gedaan over de aard van Russische spionage, net als de Amerikanen en andere buitenlandse media, maar dit verhaal maakte vermoedens over Russische hackgroepen heel concreet. Eelco: “Door alle details en de mate van details die we hadden, werd het een stuk overtuigender. Maar wie niet gelooft in Russische inmenging zal dat door dit verhaal niet opeens volledig overtuigd zijn.”

Het verhaal was grotendeels gebaseerd op anonieme bronnen. Een dilemma? Eelco: ‘Nee, iedereen begrijpt dat dit soort verhalen niet op een andere manier te maken zijn.’’  

Huib: “Dit was het beste verhaal wat ze na 7 maanden onderzoek hebben kunnen presenteren. Het was soms geluk, het juiste netwerk en ook gedegen doorpakken.” Huib en Eelco hebben de grens opgezocht bij de verantwoording van de anonieme bronnen. In toenemende mate is daar aandacht voor in media. Ze schreven dat er  met 15 mensen was gesproken, waarvan 6 direct betrokken waren bij de operatie. Ook schreven ze dat tijdens een verblijf in Washington veel is samengekomen. Eelco: “Dat is een lastige afweging, want we zeggen met zulke specifieke informatie ook iets over onze bronnen.’  Journalistieke bronbescherming staat hoog op de agenda voor beide journalisten: “Bronnen kunnen jarenlang achter tralies verdwijnen als het uitkomt wie met ons gesproken heeft”, licht Huib toe.

Digitale veldslag

“Wat me vooral verbaasde,” deelt Huib over zijn persoonlijke ervaring: ”is de omvang van deze groep en de naïviteit van de Russische hackers. Waarom ga je in een kamer op de universiteit zitten met een camera bij de ingang?  En ik had geen idee van de omvang van dit soort hackgroepen, maar 10 mensen leek me zo weinig. En toch, als je er langer over nadenkt, is een kleine groep van 10 mensen die permanent en ongelimiteerd aanvallen opeens ook best wel weer veel. En omgekeerd ook: hoe de AIVD daar mee bezig is en een paar mensen die hacken zoveel verschil kunnen maken. Er zit een wereld achter waar we zelden een glimp van krijgen, zoals de digitale veldslag van Amerikaanse teams tegen de Russen met een lijntje naar Zoetermeer. Fascinerend.” Eelco heeft zich eveneens verbaasd over de werkwijze van de Russen. De mate waarop ze zich lieten betrappen, bijvoorbeeld. Ze hadden de videocamera bij de deur ook weg kunnen halen. “Het is niet subtiel aankloppen, maar gewoon ongegeneerd binnenvallen. Dat is fascinerend. En alles vervolgens ontkennen.” Huib vult dit aan: “Kennelijk zijn ze dus zo bezig met aanvallen, dat ze niet hebben nagedacht over hun verdediging.”

Publicatie

Bij televisie komt het vaker voor dat je pas in de eindspurt de juiste mensen informeert over je onderzoek. De kring maak je pas groter als het echt niet meer anders kan en dan nog kan het voorkomen dat collega’s al lucht hebben gekregen dat je iets gaat publiceren. Pas op het laatste moment ga je met je verhaal naar de betrokken partijen, pas als alles rond is en er geen speld meer tussen te krijgen is. Eelco zegt hierover: “Als je 180 % van overtuigd bent dat je verhaal klopt, dan maakt het niet zo veel uit hoe overheden of betrokkenen reageren.” De reactie van de AIVD was vooral: geen commentaar. “Ze wilden graag dat een specifiek onderdeel verwijderd werd: de grootte van het team dat de hack heeft uitgevoerd..” Huib was het met eens dat het niet een groot maatschappelijk belang diende om dat aantal te noemen, terwijl het voor de AIVD mogelijk schadelijk had kunnen zijn.

De redacties hebben tot vlak voor publicatie nauwelijks contact met elkaar gehad en Eelco en Huib denken dat de hoofdredacties elkaar slechts vluchtig hebben gesproken. De voorbereiding van de publicatie gaat via de twee ervaren verslaggevers die intern en samen afstemmen wanneer, hoe en wat er gepubliceerd wordt. Twee weken van tevoren worden de mensen van opmaak en graphics geïnformeerd om beeldmateriaal voor te bereiden, animaties en podcasts te maken. Voor het tijdstip van publiceren is afstemmen op eigen producties en die van de samenwerkende partij belangrijk en wat er verder gepland is in de media qua onderwerpen of uitzendingen. In dit geval konden ze zelf de datum en het tijdstip prikken. Eelco: “We hadden de luxe om onze eigen publicatiedatum te kiezen, want we wisten dat niemand anders op dit onderwerp zat. Dat is niet altijd het geval.”

Tip

Is er ook iets fout gegaan? Huib twijfelt of hij het wil vertellen en kijkt naar Eelco. Die begint te lachen, dus komt het enige item op tafel waar Huib spijt van heeft: het woord ‘tip’. “Bij de verantwoording werd vermeld dat er een tip was, waardoor veel mensen dachten dat we naar aanleiding van een tip dit verhaal hebben kunnen maken. Dat is niet waar. Het is in de toelichting verkeerd geformuleerd: in een gesprek met een bepaalde bron zijn heel veel onderwerpen besproken, waaronder dat er iets gezien was van de hacks op de Amerikaanse Democratische Partij. In eerste instantie begrepen we de impact niet. Het heeft ons zelfs een tijdje op het verkeerde spoor gezet.”

Tips en Tricks
  • Maak grote verhalen met minimaal twee personen:
    • Dat voorkomt tunnelvisie
    • Je vergroot je netwerk
    • Je inspireert elkaar
    • Je motiveert elkaar
    • Je kunt elkaar vertrouwen
  • Probeer verschillende media te combineren om sterker te staan, buiten je eigen visie te treden, als podium voor de output
  • Leg minder nadruk op het onderwerp waar je echt voor komt; soms kun je met een omweg naar je vragen toe werken
  • Probeer in gesprekken meerdere onderwerpen te bespreken, er kan zomaar iets interessants tussen zitten en je kunt de eigenlijke vragen ertussen stoppen
  • Leer je bronnen te lezen: wat weten ze en vertellen ze je alles?
  • Neem soms het risico om iets te ondernemen, ook als je niet zeker weet wat het oplevert