De Avond van de Onderzoeksjournalistiek

Wie maakten in 2018 de beste onderzoeksjournalistiek in Nederland en Vlaanderen? Op 22 maart reikt de Vereniging van Onderzoeksjournalisten De Loep 2018 en de VVOJ Aanmoedigingsprijs uit aan journalisten die zich vorig jaar hebben onderscheiden met opmerkelijke publicaties, uitzendingen en digitale dossiers. Wie gaan naar huis met de beeldjes, de geldbedragen en de eer? Kom op 22 maart naar De Avond van de Onderzoeksjournalistiek en maak het live mee!

Jet Schouten – Radar (AVROTROS) Joop Bouma en Marco Visser – Trouw, Kristof Clerix – Knack, Lars Bové en Saar Sinnaeve – De Tijd

Door: Raymond Krul

“Wat ben je stil”, appte Trouw-journalist Joop Bouma (64) ergens in februari op een zondagmiddag naar Jet Schouten (38). Twee jaar lang had Bouma intensief contact onderhouden met zijn partner-in-crime van het tv-programma Radar.

Samen met ruim 250 andere journalisten uit 36 landen werkten Bouma en Schouten aan de ‘Implant Files’, een omvangrijk wereldwijd onderzoek naar medische implantaten. Dit gebeurde onder auspiciën van het internationale consortium voor onderzoeksjournalisten ICIJ. Het onderzoek leverde Schouten en Bouma niet alleen een Loep-nominatie op, maar ook de titel Journalist van het Jaar.
Nu was het voorbij. Het onderzoek was achter de rug, de scoops waren gehaald, de impact een feit. En dus was het hoog tijd voor een droogkomische app op zondagmiddag. “Joop en ik zijn allebei een beetje raar”, vertelt Schouten. “We kunnen niet stilzitten en hebben de neiging om ons nogal monomaan en obsessief op een onderwerp te storten. Dus het is best vreemd als je dan opeens in het weekend geen contact meer met elkaar hebt.”
Bouma vroeg zichzelf soms af bij wie dat monomane ‘het ergst’ was, maar hij kwam er niet uit. “Bij een complex onderzoek als dit moet je die houding wel hebben. Als je van negen tot vijf werkt, krijg je zulke zaken onmogelijk boven tafel.”

Wandelen op de hei
De samenwerking tussen Bouma en Schouten begon vier jaar geleden. Schouten had met Radar-collega Linda Stoltenberg een uitzending gemaakt waarin het duo erin slaagde een mandarijnennetje uit de supermarkt aan de industrie te presenteren als implantaat voor vrouwen met een verzakte bekkenbodem. Het leverde Stoltenberg en Schouten een Loep op. Bouma stuurde Schouten een felicitatiemail, waarmee de kiem voor de samenwerking was gelegd.
Schouten: “Na die uitzending van Radar kreeg ik mailtjes van buitenlandse collega’s. Ze schreven me dat ze dezelfde problemen hadden, dus ik had vrij snel door dat er meer in zat.”
Bouma: “Ook ik was al eerder getipt dat ik eens in de wereld van de medische hulpmiddelen moest duiken. Ik ging een keer met Jet wandelen op de hei bij Hilversum en vanaf dat moment is de bal gaan rollen.”
Bouma introduceerde Schouten bij ICIJ, waarvan Bouma lid is. Eind 2016 begon Schouten daar aan wat de ICIJ de incubation fase noemt. “ICIJ is enorm data driven”, zegt Schouten. “Pas als je met cijfers kunt aantonen wat de omvang van een probleem is, willen ze er een wereldwijd onderzoeksproject van maken. Probleem hierbij was dat het ontzettend moeilijk was om die data te vinden. Er zijn vrijwel geen goede databases en in veel landen worden misstanden niet geregistreerd, dus ik had het gevoel dat ik naar het topje van een ijsberg keek – maar hoe groot die ijsberg was: geen idee.”
Bouma: “De Paradise Papers en Panama Papers waren grootschalige leaks, dus dan werk je heel anders. Hier moesten we alles zelf uitzoeken. Je kijkt naar iets, maar je weet niet precies naar wat. Ik loop al een tijdje mee, maar dit was een van de moeilijkste klussen die ik ooit heb gedaan.”
Schouten: “Om data van overheden en inspecties boven tafel te krijgen, hebben we zoveel mogelijk WOB-verzoeken ingediend. We hebben ons werkelijk helemaal suf gewobt. Ook hebben we alle databases op dit gebied wereldwijd leeggetrokken, uiteindelijk hebben we acht miljoen documenten verzameld.”
Na een jaar onderzoek had Schouten eind 2017 nog altijd geen goedkeuring van ICIJ. “Ik was echt een beetje moedeloos. Het was kerstvakantie en er was bijna niemand op de redactie. Ik had goede bewijzen verzameld en pitchte mijn plan. Vervolgens kwam ICIJ met allerlei opmerkingen, in de trant van: je hebt twee bronnen, kun je er ook aan drie komen? Ik dacht: jongens, wat willen jullie nog meer?!”
Uiteindelijk kwam de goedkeuring er en besloot ICIJ haar partners van over de hele wereld bij het onderzoek te betrekken. Schouten noemt het een ongelooflijk leerzame ervaring. “De lat ligt zo ontzettend hoog. Terecht, want je wilt niet dat er gaten in je verhaal worden geschoten.”

Slaapschema’s
Schouten en Bouma gingen samen aan de slag met de verhalen in Nederland. Daarnaast fungeerde Schouten, als initiator van het project, als adviseur en vraagbaak voor journalisten uit andere landen. Schouten won informatie in bij haar Duitse collega’s die aan de Panama Papers hadden gewerkt. “Ze zeiden: houd er rekening mee dat je in de laatste maanden met slaapschema’s moet gaan werken. Dat klonk toen heel raar, maar ze hadden gelijk. Die laatste maanden komt alles bij elkaar en werken alle outlets naar publicatie toe. Alles moet dan worden afgestemd. Omdat we met journalisten van over de hele wereld werkten, werd ik ook ’s nachts vaak gebeld.”
Intussen werkte ze samen met Joop Bouma ook nog aan de Nederlandse verhalen, die leidden tot een anderhalf uur durende uitzending van Radar, op 26 november 2018, en verschillende artikelen in Trouw. Bouma: “We hebben samen tientallen interviews en off the record-gesprekken gedaan. In het begin viel het me op dat Jet een tijd lang niets zei tijdens die interviews. Dan was ik bijna door mijn vragen heen en dacht: jezus, Schouten, zeg ook eens iets. Precies op dat punt begon het spervuur van Schouten. En dan zweeg ze ook niet meer.”
Schouten: “Joop en ik vullen elkaar goed aan. Joop komt ergens op z’n allervriendelijkst binnen. Hij heeft een hoge aaibaarheidsfactor en dat gebruikt hij in zijn voordeel. Op een gegeven moment wil hij ergens naartoe in zo’n gesprek en dan gaat hij boren. En dan laat hij ook niet meer los. Joop kan zich heel goed ergens op focussen, terwijl ik meer iemand ben die met alles tegelijk bezig is.”
Schouten heeft veel geleerd van haar werk aan de Implant Files, niet alleen inhoudelijk, maar ook sociaal. “Ik ben iemand die zichzelf het liefst in een hokje opsluit met een groot whiteboard, heerlijk vind ik dat. Maar bij dit project had ik voortdurend contact met collega’s, daar heb ik veel van geleerd. En het was fantastisch om met de fijne collega’s van Trouw samen te werken.”
Bouma is blij dat het project tot een goed einde is gebracht. “Eerlijk gezegd vond ik het allemaal best griezelig en heb ik tot het einde getwijfeld of het zou lukken. En dan opeens zie je dat het onderzoek zich als een bloem begint te ontluiken en dat alles op z’n plek valt.”

Implant Files

Kristof Clerix| Anne-Sophie Leurquin (Le Soir)| Saar Sinnaeve| Lars Bové | Xavier Counasse (Le Soir)

Tips van Jet Schouten en Joop Bouma
• Schouten: “Zorg dat je een positieve grondhouding hebt. Ik heb met eigen ogen gezien hoe belangrijk dat is als je mensen gemotiveerd wilt houden. Begin niet over beren op de weg, of dat je moe bent, maar zeg: we gaan dit doen met z’n allen en we gaan het tot een goed einde brengen. Ik heb journalisten gezien die ongelooflijk goed zijn, maar die er door hun negatieve houding uiteindelijk toch buiten vielen.”

• Bouma: “Het is cruciaal om een sparring partner te hebben die niet tot over zijn oren in het project zit. Voor ons was dat mijn Trouw-collega Martijn Roessingh. Op een gegeven moment zit je er zo diep in dat je iemand nodig hebt die kritische vragen stelt en vertelt waar de verhalen zitten.”

• Schouten: “Als iemand je vraagt om iets te doen, doe dan méér dan van je wordt gevraagd. Mensen waarderen het enorm als je ergens moeite voor doet en je brengt het onderzoek er ook echt verder mee. Als iemand iets in de groep vroeg over regelgeving, dan ging ik er bijvoorbeeld een Q&A over schrijven.”

• Bouma: “Focus is ontzettend belangrijk, zeker bij een project als dit. Dus zoek een onderwerp waarvan je denkt: dit is voor mij interessant en hier ga ik me in verdiepen. En houd daar vervolgens ook aan vast.”

• Schouten: “Durf te delen. Je bent ook voor elkaar aan het werk. Sommige journalisten zijn gewend als lone wolf te werken, maar daar kom je in een project als dit niet ver mee.”